Problemen in onze maatschappij lijken alleen opgelost te kunnen worden door bestaande processen te veranderen. Transitie is daarbij het toverwoord. Een bekende transitie is de energietransitie van steenkool naar aardgas naar wind- of zonne-energie. Een andere transitie is de weg naar een zorglandschap waarbij er een toename moet komen van preventieve zorg en een verschuiving van de ziekenhuiszorg naar de huisarts. Ook moet er meer aandacht komen voor E-health of digitale zorg dat een veilige ondersteuning en zorg moet geven aan thuiswonende kwetsbare ouderen via FaceTime op een iPad.

CDA-landbouwminister Cees Veerman gebruikte in 2003 als eerste het woord transitie en dat woord is nu niet meer weg te slaan uit de media.

De meesten van ons zullen zeggen was er nog maar een wijkverpleegster en konden we nog maar naar het Wit Gele Kruisgebouw i.p.v. de huisartsenpost. Soms word ik tureluurs van alle zogenaamde veranderingen, die de efficiency moeten bevorderen. Ik denk dat alleen de managers er beter van worden.

Bij veranderingen moet ik altijd denken aan vroeger als er bij een feest geroepen werd: Wisselen van partners! Was je net lekker aan het dansen met iemand moest je ineens met tante Cato gaan dansen, die je resoluut aan haar tripleX-L boezem drukte. Meestal ontsnapte ik aan deze transitie door naar het toilet of de bar te vluchten totdat de kust weer veilig was. Bij een bruiloft was vaak het bruidspaar dat de aftrap verrichtte met een bijpassend muziekje zoals:  “daar bij de  waterkant”! De openingsdans of wisseldans was vooral bedoeld om alle gasten op de dansvloer te krijgen.

Een huwelijksfeest begint niet meer met een foxtrotje maar soms wordt een ludieke demonstratie gegeven van “Dirty Dancing”. Ik geniet vooral als het bruidspaar opent met een liedje van U2: “I still haven’t find what I’m looking for”.