Het onderstaand stukje tekst komt uit “Sp!ts” en is geschreven door Tommy Wieringa.

Sp!ts is een gratis dagblad met een bereik van 1,7 miljoen dagelijkse lezers en richt zich primair op reizigers in het openbaar vervoer die ’s ochtends van huis naar werk en studie reizen. Onderweg in trein, bus of metro heeft deze relatief hoog opgeleide groep de rust en de tijd om Sp!ts te lezen.

Op een avond las ik voor in een café  in Gemert, en terwijl ik las dacht ik: ze komen allemaal voor mij, maar als ik niet ik was maar iemand anders, zeg Arthur Japin of Rosita Steenbeek, dan waren ze er ook geweest, zodat ze eigenlijk helemaal niet voor mij komen maar voor iets anders – en dat dat andersom ook zo was, dat ik dan wel in Gemert was, maar dat Gemert even goed Uitwellingerga of Nieuwegein kon zijn, en met zulke aanzwellende gedachten over de zinloosheid van dit alles verliet ik het café na het applaus, de fles wijn en twee droeve levensverhalen van lezers die ‘iets hadden herkend’ in mijn boek. De straat was leeg, alleen mijn schaduw en ik onder de hoge, koude maan. De tuintjes lagen er netjes bij, een hovenier deed goede zaken in Gemert. In een zijstraat waar de auto stond, gingen opeens de rolluiken neer voor een woonhuis, dat zo in één beweging werd geblindeerd. Ik dacht aan twee soorten angst; dat ze daarbinnen bang waren voor de dingen van buiten, maar dat ik juist bang was voor de dingen daarbinnen. Sinds Dutroux heb ik dat, een koude huiver bij huizen met rolluiken.

Als ik concentratie- en mentaltrainer zou zijn van Gemert dan zou ik in de kleedkamer alleen maar zeggen: we worden kampioen, desnoods landskampioen want

Gemert is alive and kicking!!!!!!!!!